Deze bijdrage verscheen, met een ander liedje (maar dat maakt voor de tekst niet uit), ook op Ondergewaardeerde Liedjes in het kader van de Scandinavië battle.
Sommige liedjes komen ongemerkt je leven binnen, en vertrekken even ongemerkt. In 2004 las ik een weblog van een Nederlandse vrouw in Aarhus, Denemarken. Vol enthousiasme schreef zij over kunst en muziek. Veel Britpop maar af en toe ook Deense bandjes. Een van die bandjes was Nephew, en daar was ze nogal vol van. Meerdere concerten werden bezocht waar dan verslagen van volgde.
Maar ga zo’n lokaal bandje maar eens vinden hier in Nederland. Tegenwoordig is dat gemakkelijk met Spotify en Apple Music, twaalf jaar geleden moest dat met een illegale download via Kazaa, LimeWire of eMule. Uiteindelijk wist ik een matige rip te vinden, maar toen vrienden in de zomer van 2005 naar Denemarken op vakantie gingen gaf ik ze twintig euro mee en de opdracht het album USADSB van Nephew voor mij te kopen.
Nephew is een door Depeche Mode geïnspireerd bandje, bestaat uit vijf man waarvan de kern al sinds 1996 samen speelt. De teksten zijn een mengelmoes van Deens en Engels, en eigenlijk werkt dat verrassend goed. Al zal daarin ook de reden schuilen dat de band buiten Denemarken weinig potten weet te breken.
De vrouw in Aarhus verhuisde naar London, begon een weblog over die stad, en over de lokale muziekscene daar. Nephew maakte nog drie albums, waar ik uiteraard niets van vernam. USADSB verdween bij mij in de kast, en aan Nephew werd niet meer gedacht. Tot vandaag.